behandeling-voor-kindbehandeling-voor-tienerTaal

Meertaligheid

Iemand is meertalig wanneer hij of zij, afwisselend meer dan één taal gebruikt ten behoeve van de interactie met zijn omgeving.
Bij meertaligheid kunnen de verschillende talen vanaf de geboorte aangeboden worden of de moedertaal wordt aangeboden vanaf de geboorte en de andere taal op een later moment in het leven van het kind.
Het leren van meerdere talen bevordert de communicatieve vaardigheden van het kind. Het enige verschil tussen meertalige kinderen en eentalige kinderen is zichtbaar op het gebied van de woordenschat. In alle talen die het meertalige kind spreekt is de woordenschat kleiner dan bij eentalige kinderen in die taal.

Meertalige kinderen kunnen door een “blootstellingsachterstand” (= een laag taalniveau als gevolg van weinig taalaanbod in de moedertaal of de andere taal) een taalachterstand hebben.
Er kan ook sprake zijn van een taalontwikkelingsstoornis bij meertalige kinderen. De taalproblemen moeten zich dan voordoen in alle talen die het kind spreekt.

Wat doet de logopedist?

De logopedist onderzoekt de taalontwikkeling van het kind zorgvuldig. Het is belangrijk zo veel mogelijk informatie te verzamelen, zodat er zo gericht mogelijk aan de taalontwikkeling kan worden gewerkt. Dat begint bij een eerste gesprek met kind en ouders. Tijdens het eerste gesprek wordt onder meer duidelijk wat de hulpvraag is, wat de achtergrond van het kind is en wat ouders zelf hebben gedaan om de taalontwikkeling te stimuleren.
De taalonderzoeken worden veelal afgenomen met gestandaardiseerde testen. Met deze testen wordt het talige niveau van een kind in vergelijking met zijn leeftijdsgenootjes bepaald. Er kan onderzoek verricht worden naar het taalbegrip, de taalproductie (woorden en zinnen), communicatievaardigheden en auditieve vaardigheden.
Naar aanleiding van de uitslagen van de taalonderzoeken en verzamelde informatie wordt een diagnose gesteld. In overleg met de ouders wordt een plan gemaakt om zo gericht mogelijk aan de taalontwikkeling te kunnen gaan werken. Bij kinderen met een TOS is taaltherapie geïndiceerd, terwijl bij kinderen met een blootstellingsachterstand het belangrijk is om het taalaanbod te optimaliseren om zo de achterstand in te halen.
Bij twijfel over de taalontwikkeling doorverwijzen naar de logopedist voor een uitgebreid taalonderzoek.